Giechelen

Toen de kinderen om half tien eindelijk sliepen, bedacht ik dat ik die dag nog niet naar buiten was geweest, en dat ik dus maar even op het balkon moest gaan staan. Daarna dacht ik: misschien moet ik ook een beetje blowen.

Een jaar geleden keken we de serie Transparent en was ik zo vol van het warme familiegevoel van de twee zussen en hun broertje, waar vaak wiet bij aan te pas kwam, dat ik een veel te dure vaporizer kocht. De Pax 2, die regelmatig gebruikt wordt in mijn ándere favoriete serie Broad City, dus je kunt gerust zeggen dat ik een stukje fictie in huis haalde.

Dat bleek ook wel, want mijn vriendin viel telkens al na één trekje in slaap, en als ik het na een etentje met vrienden (precies de sfeer waar ik zo naar verlangde) aanbood, weigerden ze steeds beleefd. Vervolgens werd mijn vriendin zwanger van onze tweede (lees: hypergevoelig voor geuren), waardoor de Pax definitief in onbruik raakte.

Nu propte ik wat oude wiet in de brandkamer, deed hem aan en wachtte tot het groene lampje brandde. Daarna nam ik rustig drie trekjes terwijl ik over de binnenplaats staarde: genoeg om het te voelen, genoeg voor dit moment.

Met een lome tevredenheid begon ik willekeurige dingen uit keukenkastjes en de ijskast te eten. Ik schonk een glas cola in en zette een aflevering van The Last Dance op, terwijl mijn vriendin op de achtergrond haar yoga deed. (Dit bedoel ik niet zo van: tsss, die vrouwen en hun yoga. Ik had mijn yoga ‘s middags al gedaan. Het was vet chill.)

Na een paar minuten schoten we als herten omhoog: een bekend geluid vanboven. De oudste. Godver. “Ik ga wel,” zei ik.

“Ik moet plassen,” zei Tinus staand in zijn bedje. “Oké schat,” zei ik en tilde hem over de bedrand naar zijn potje, waar ik in het halfdonker even worstelde om zijn slaapzak, pyjama en nutteloze nachtluier uit te trekken. Ik ging naast hem op de grond zitten.

Tijdens het plassen keek hij me guitig aan. Dat doet hij wel vaker ‘s nachts: even kijken wat er nog te halen valt. Normaal kan ik dat weerstaan, maar nu schoot ik in de lach, waarna we samen lachten om niets. Toen ik al zijn kleding weer probeerde aan te trekken, viel hij om, waardoor we de slappe lach kregen. We giechelden terwijl ik steeds tussendoor zei: “Sssst.”

Vervolgens ging hij achterover op mijn been liggen, als een dronkeman aan het eind van een feestje. Daardoor herinnerde ik me opeens dat ik stoned was. Dat ik daarom zo moest giechelen. Shit. “Hup, naar bed jij,” zei ik.

In bed keek ik naar zijn glanzende rossige haar, zijn mooie blauwe oog (het andere was afgeplakt na een stoot-incident, wat hem des te aandoenlijker maakte) en dacht: wat is hij toch mooi. Dat moet ik zometeen aan mijn vriendin vertellen.

Maar op de trap naar beneden herinnerde ik me opeens weer dat ik stoned was en dat ik dit helemaal niet aan mijn vriendin moest vertellen.

Ik vertelde het toch.